: Archief SNK nr.180; A. Venema, Kunsthandel in Nederland 1940-1945, 1986, p.576; NARA, RG 260, box 436; 'Kostbaarheden uit de middeleeuwen en de renaissance', De Telegraaf, 20 juni 1939
- *
: Göring, H.
: Berlijn
: Archief SNK nr.180; A. Venema, Kunsthandel in Nederland 1940-1945, 1986, p.576
: F. Schneller was een compagnon van A. Miedl en had een depot in Bad Tölz dat Miedl tijdens de oorlog gebruikte als opslagplaats. Zijn neef Josef Schneller was een voormalig werknemer van Miedl.
In beheer gekomen bij het Rijk
Na 1945-05-05
Huidige restitutiestatus
Geen verzoek
Onderzoeksbevindingen
Er zijn geen of onvoldoende herkomstgegevens uit de periode 1933-1945 over dit object bekend. Na onderzoek zijn tot op heden geen bronnen gevonden die informatie over de herkomst kunnen geven. Daarom is er geen uitspraak te doen over mogelijk verdachte herkomst of mogelijk onvrijwillig bezitsverlies.
De herkomst van dit schilderij is niet sluitend. Het is niet bekend waar, wanneer, van wie en onder welke omstandigheden kunsthandel C. Marshall Spink uit Londen dit schilderij verworven heeft. Daarnaast is het niet duidelijk waar, wanneer, van wie en onder welke omstandigheden de kunsthandel Delaunoy dit schilderij heeft verworven. Mogelijk kocht Delaunoy het in 1936 al van Marshall Spink, maar dit is niet zeker. Kunsthandel Delaunoy in Amsterdam verkocht dit schilderij op 26 juni 1940 aan Hermann Göring, die het vervolgens van de hand deed aan de kunsthandelaar Alois Miedl van de kunsthandel Goudstikker/Miedl in Amsterdam. Goudstikker/Miedl verkocht het schilderij vervolgens aan Franz Schneller in Bad Tölz.